Murw geslagen met sense-of-urgency….waar is de passie?


Een rode draad door een aantal van mijn klantcases de afgelopen week wil ik hier graag met je delen: het overdrijven en heilig verklaren van het creëren van een sense-of-urgency. 

We hebben allemaal geleerd van de verandermanagementguru’s als Kottler dat wil je de boel in beweging krijgen, het gevoel van sense-of-urgency gecreëerd moet worden. Het water staat ons aan de lippen, als we zo doorgaan zijn we binnen een kwartaal out-of-business, de concurrentie haalt ons in, de klanten lopen weg, de huidige structuur wurgt ons, de huidige systemen vallen binnenkort om, etc. Je kan ongetwijfeld zelf nog 10 varianten terughalen uit je eigen praktijk.

 

Meer-en-meer zie ik dat mensen dit moe worden en het over de kam van probleem-denken, zwartgalligheid en overdrijving scheren. Men is een beetje murw geslagen met al dat onheil dat hen boven het hoofd lijkt te hangen, maar wat toch keer-op-keer ook weer niet zo dramatisch is als het leek.

 

Ik geloof dat het creëren van een sense-of-urgency zeker belangrijk is, maar dat dit niet synoniem hoeft te staan met problemen en onheil voorspellen. Niets motiveert meer dan een sprankelende visie, een wenkend perspectief, een pot met goud aan het einde van de regenboog. Ik word enthousiaster van het idee dat als ik meer ga trainen, ik een medaille op de Olympische Spelen (of een veteranentoernooi…) kan winnen, dan dat als ik het niet doe, mijn aderen dichtslibben en ik serieuze hartklachten kan krijgen. Adresseer de passie om te veranderen met een visie!

Dus: vervanging en vernieuwing van systemen is noodzakelijk, en niet alleen omdat de huidige omvallen, hele hoge kosten met zich mee (gaan) brengen, of de continuïteit van de organisatie in het geding laten komen. Ja, ook. Maar juist, omdat de organisatie best-of-class wil zijn op het gebied van kostenefficiëntie, dienstverlening, klantgerichtheid, gebruikersgemak, etc. En dat je dit niet (meer) haalt met de huidige systemen is vaak heel erg duidelijk en herkenbaar. Breek hen de bek niet open…

, , ,

  1. #1 by henri van het ende at 28 februari 2010

    Tja Hans, Toch lastig om mensen die niet willen, iets wel te laten willen. Mensen die de schouders ophalen bij je missie/visie. Hoe krijg je ze in beweging? Wist ik het maar dan had ik een heilige graal.
    Soms helpt het wel om een zware wolk te laten zien (je wordt ontslagen als je niet…). Is het bij kinderen etc, niet net zo? Beide zijn nodig dreiging en verleiding.
    Wat vind jij?

  2. #2 by Hans Burg at 1 maart 2010

    Beste Henri,
    ik denk dat je heel dicht bij de sleutel bent! Ik ken geen ‘mensen die niet willen’! En dan bedoel ik: mensen die NOOIT IETS willen. Ik begrijp wel waar je op doelt: mensen die strikt van 9 tot 5 en lusteloos op kantoor zitten, de de kantjes ervan af lopen, die inderdaad niets lijken te willen. Maar… dit zijn ook de mensen die in het weekeinde clubs en verenigingen draaiende houden, die thuis klussen tot ze erbij neervallen, die op avontuur gaan ipv op vakantie, etc. Elke mens heeft zo zijn of haar passie. De kunst is om die passie ook in het werk aan te spreken! Weet jij van al je medewerkers wat hen écht drijft? Waar ze enthousiast van worden en warm voor lopen? Waar je ze voor uit hun bed mag bellen?

    In onze aanpak beginnen we altijd bij ieder individuele passie, om van daaruit sprankelende en gedreven teams te formeren met een missie en visie, die wel degelijk tot een verandering in staat zijn! Pas als we gezamenlijk vastgesteld hebben dat iemands passie niet in te zetten is voor het totaalresultaat, wordt het tijd om ieder zijn eigen weg te gaan. Maar heel vaak blijkt dat de individuele energiebronnen in organisaties niet of nauwelijks bekend, laat staan aangeboord zijn. Management kan dreigen en verleiden, maar zonder echt aandacht voor en interesse te hebben in ieders persoonlijke drijfveren, blijven dat trucjes.

    Dus begin bij het begin: bij je medewerkers, hun passies en verbindt die met je visie en strategie! Daag iedereen uit om vanuit zijn/haar kracht een fundamentele bijdrage te leveren aan hun organisatie. Je zult zien dat er op deze manier wel energie ontstaat.

    Succes en ik houd me aanbevolen voor je bevindingen met deze aanpak!

(wordt niet gepubliceerd)
  1. Nog geen trackbacks.